L T M P

Regelgeving rookwerendheid duidelijk, maar onuitvoerbaar

In de update van het Bouwbesluit van 1 juli 2021 staan nieuwe eisen rond rookwerendheid. Die eisen zijn van toepassing op bouwprojecten waarvoor een bouwvergunning wordt aangevraagd na 1 juli 2021. De aanpassingen hebben grote gevolgen voor veel toepassingen van brandwerende producten.

 

 

Terug in de tijd

In de vorige versie van het Bouwbesluit werd de rookwerendheid op papier al geborgd, zij het op krakkemikkige wijze. In die versie stond namelijk dat het product dat de opening afsluit, moet voldoen aan een brandwerende (!) eis, te weten twintig minuten vlamdichtheid. De redenering hierachter was dat als een product vlamdicht is, het ook een zeker mate van rookwerendheid bezit. In werkelijkheid zegt vlamdichtheid niets over de feitelijke rookwerendheid van een product. Daarover is iedereen het wel eens.

Extra onderbouwing

Al in 2020 is een aangepaste rooknorm NEN6075 in werking getreden. Daarin is de onderbouwing op basis van brandwerendheid gehandhaafd. Er is echter ook een onderbouwing op basis van luchtdichtheid mogelijk gemaakt. De aanpassingen in de NEN6075 werden echter nog niet aangestuurd vanuit het Bouwbesluit. Dat is in de update van dit jaar gerepareerd. In de nieuwe versie is ook bepaald in welke situaties de rookwerendheid van toepassing is en wat hierbij de gestelde eis is. Daarmee komt aan onduidelijkheid een einde. Maar helaas is de discussie nog niet volledig gesloten. Nu gaat die niet over de duidelijkheid van de regels, maar over de uitvoerbaarheid ervan.

Waar zit dan het probleem?

Bij toepassing van het Bouwbesluit wordt duidelijk dat brandscheidingen in de meeste situaties samenvallen met rookscheidingen. In deze situatie moeten toegepaste producten zowel een brandwerende als een rookwerende functie vervullen. Deze producten zullen dan ook zowel brandwerend als rookwerend getest moeten zijn.

Voor het afsluiten van grote openingen is dat een serieus vraagstuk. Er zijn namelijk nog geen brandwerende rolluiken, brandschermen, schuifdeuren en overheaddeuren die zowel een brandwerendheid in de EW-klasse bezitten en die ook succesvol een rooktest hebben doorstaan. De crux zit ‘m in het woordje ‘ook’. Wil men aan beide testnormen voldoen moet namelijk exact dezelfde uitvoering zonder aanpassingen succesvol testen.

Geen CE voor brand én rook

Geen enkel bestaand product, behoudens loopdeuren met beperkte afmetingen, heeft die supereigenschappen. De techniek is simpelweg nog niet zover. Dat heeft er vooral mee te maken dat de benodigde materialen die hiervoor gebruikt worden, met elkaar in tegenspraak zijn.

Om te kunnen slagen voor een brandtest moet een product zestig minuten een temperatuur circa 945 °C weerstaan. Dat legt beperkingen op aan het gebruik van materialen. Hetzelfde product moet ook voldoen aan de eisen voor luchtdicht bouwen, zoals voorschreven is in de rooknorm. Die combinatie blijkt in de praktijk voor producten die bijvoorbeeld oprollen een bijna onmogelijke opgave te zijn. Hierdoor zijn er in de markt geen producten voor het afsluiten van grote openingen die een CE-verklaring hebben waarin zowel brandwerendheid als rookwerendheid is opgenomen.

EI dan maar?

OK, afgezien van de loopdeuren, is er nog een uitzondering. Enkele brandwerende schuifdeuren met een EI-waarde hebben een CE-verklaring waarin ook de rookeis uit de NEN1634-3 is opgenomen. Buiten het feit dat deze overgekwalificeerd is – een EW-eis is voldoende – is een schuifdeur niet in elke situatie toepasbaar. Maar deze eisen worden nu wel vanuit het Bouwbesluit voorgeschreven voor de nieuwbouw en in speciale situaties bij de verbouw.

Probleem verplaatsen

Ik concludeer dat het huidige Bouwbesluit op dit terrein niet aansluit op de huidige verkrijgbaarheid van producten in de markt. De huidige regel- en wetgeving verplaatst het probleem van de overheid naar de bouwkolom, die hiervoor maar een oplossing moet aandragen. In de onvermijdelijke felle discussies die partijen hierover voeren, worden helaas vaak verkeerde beslissingen genomen.

Drie compromissen

Voor het afsluiten van grote openingen zijn er op dit moment geen geschikte producten met een CE-verklaring waarin vinkjes staan bij zowel brandwerendheid als rookwerendheid. Zolang dat het geval is, worden betrokken partijen gedwongen tot het vinden van compromissen, zoals ik hieronder beschrijf.

  1. Er zullen twee producten geplaatst worden bij elke opening. Het ene product zorgt voor de brandwerendheid en het ander voor de rookwerendheid. Hierbij moet ik aantekenen dat het brandwerende product geschikt moet zijn voor het plaatsen van een tweede product binnen 1 meter afstand. (dus een overgekwalificeerd product met een EI-waarde)
  2. Brandwerende producten moeten wel een rookwerende test conform de NE1634-3 ondergaan. Op basis van de vastgestelde lekkages en de berekeningen voor grotere afmetingen (EXAP’s) kan de werkelijke lekkage worden vastgesteld. De gegevens die dit oplevert vormen de input voor berekeningen die bepalen of de gehele wand voldoet aan Ra of R200 volgens de NEN6075. Hierover meer in een blog over rookwerendheid van wanden.
  3. Door het opstellen van een gelijkwaardigheidsverklaring volgens artikel 1.3 van het Bouwbesluit. De opsteller van die verklaring moet aantonen dat met een afwijking van deze eis wel dezelfde veiligheid geborgd wordt.

 

Elke oplossing zoals genoemd veroorzaakt wel de nodige complicaties. De grote vraag blijft of dit wel een wenselijke situatie creëert. Het antwoord hierop mag u zelf geven.

 

Alex Schouteten
Fire Safety Engineer
Hoefnagels Fire Safety

 

;